Vanaf 1 juli 2026 is de AOW verhoogd. Voor iemand met een volledige AOW die alleen woont, bedraagt de uitkering € 1.662,16 bruto per maand. Met loonheffingskorting blijft daarvan volgens de SVB € 1.581,55 netto over. Bent u getrouwd of woont u samen, dan is het bedrag € 1.139,39 bruto per persoon per maand en € 1.084,13 netto per persoon met loonheffingskorting.
Die bedragen gelden voor mensen die in Nederland wonen en een volledige AOW hebben opgebouwd. Uw eigen betaling kan lager of anders zijn, bijvoorbeeld als u niet alle AOW-jaren heeft opgebouwd, als de loonheffingskorting niet wordt toegepast of als uw leefsituatie afwijkt. Daarom is het belangrijk niet alleen naar een algemeen tabelbedrag te kijken, maar ook naar uw eigen betalingsspecificatie in Mijn SVB.
De officiële bedragen geven een goed referentiepunt, maar uw eigen AOW-betaling hangt ook af van uw leefsituatie, opbouw en belastinginstellingen.
AOW-bedragen vanaf 1 juli 2026
| Situatie | Bruto per maand | Netto met loonheffingskorting | Netto zonder loonheffingskorting |
| Alleenstaand | € 1.662,16 | € 1.581,55 | € 1.285,22 |
| Getrouwd of samenwonend, per persoon | € 1.139,39 | € 1.084,13 | € 880,96 |
De SVB publiceert deze bedragen als de volledige AOW voor mensen die in Nederland wonen. De bedragen veranderen normaal gesproken twee keer per jaar. De actuele tabel staat op de officiële pagina AOW-bedragen van de Sociale Verzekeringsbank.
Waarom stijgt de AOW in juli 2026?
De AOW is gekoppeld aan het wettelijk minimumloon. Per 1 juli 2026 stijgt het minimumloon opnieuw. De Rijksoverheid meldt dat het afgeleide minimumuurloon bij een 36-urige werkweek stijgt van € 14,71 naar € 14,99. Daardoor worden ook verschillende uitkeringen, waaronder de AOW, aangepast.
De officiële toelichting staat bij de uitkeringsbedragen per 1 juli 2026 van de Rijksoverheid.
Hoe beoordeelt u of uw nieuwe bedrag klopt?
Het beste resultaat van deze controle is niet dat uw bankbijschrijving exact gelijk is aan een tabelbedrag, maar dat u kunt verklaren waarom uw bedrag wel of niet afwijkt. Kijk daarom in deze volgorde.
1. Controleer uw leefsituatie
Voor de AOW maakt het veel uit of u alleen woont of met een partner samenwoont. Volgens de Rijksoverheid is de AOW-norm voor een alleenstaande gebaseerd op 70% van het minimumloon. Voor iemand die met een partner in één huis woont, is dat 50% per persoon.
Als uw situatie recent is veranderd, bijvoorbeeld door samenwonen, scheiding of overlijden van een partner, kan uw AOW-bedrag veranderen. De algemene uitleg staat op Rijksoverheid: hoe hoog is mijn AOW?.
2. Kijk of de loonheffingskorting wordt toegepast
Het verschil tussen de netto bedragen met en zonder loonheffingskorting is groot. Bij een alleenstaande is het officiële netto bedrag vanaf juli € 1.581,55 met loonheffingskorting en € 1.285,22 zonder loonheffingskorting. Bij samenwonenden is dat respectievelijk € 1.084,13 en € 880,96 per persoon.
Een lager nettobedrag betekent dus niet automatisch dat de verhoging niet is verwerkt. Het kan simpelweg komen doordat de loonheffingskorting elders wordt toegepast, bijvoorbeeld op een aanvullend pensioen.
3. Controleer of u een volledige AOW heeft opgebouwd
De tabelbedragen gelden voor een volledige AOW. Heeft u in de opbouwperiode een of meer jaren niet in Nederland gewoond of gewerkt zonder verzekerd te zijn voor de AOW, dan kan uw uitkering lager zijn. De Rijksoverheid vermeldt als hoofdregel dat u voor ieder niet-opgebouwd jaar 2% minder AOW krijgt.
Bij een onvolledige opbouw heeft het weinig zin om uw betaling rechtstreeks met het maximale tabelbedrag te vergelijken. Gebruik dan de specificatie van de SVB als uitgangspunt.
Vakantiegeld vanaf juli 2026
Naast de maandelijkse AOW bouwt u vakantiegeld op. Vanaf 1 juli 2026 is dat volgens de SVB:
- alleenstaand: € 104,78 bruto per maand;
- getrouwd of samenwonend: € 74,85 bruto per persoon per maand.
Het vakantiegeld wordt niet iedere maand apart uitbetaald. De SVB betaalt het opgebouwde vakantiegeld in mei. Daardoor is een gewone maandbetaling in juli niet hoger doordat het vakantiegeld meteen wordt toegevoegd.
Wat is een goed controlemoment?
Een betrouwbare controle bestaat uit drie onderdelen: het bedrag in Mijn SVB, de betalingsspecificatie en de bijschrijving op uw bankrekening. Die drie moeten logisch op elkaar aansluiten.
Een goed teken is dat op de specificatie het nieuwe bruto bedrag vanaf juli staat en dat de inhoudingen overeenkomen met uw belastinginstelling. Als de bijschrijving afwijkt, maar de specificatie laat bijvoorbeeld geen loonheffingskorting zien, dan is de afwijking verklaarbaar.
Ga niet alleen af op het bedrag dat iemand anders ontvangt. Twee AOW-gerechtigden kunnen verschillende netto bedragen hebben door verschillen in leefsituatie, opbouw of loonheffingskorting.
Wanneer moet u verder kijken?
Controleer uw gegevens of neem contact op met de SVB als het verschil niet logisch te verklaren is. Dat geldt vooral wanneer:
- uw leefsituatie in Mijn SVB niet overeenkomt met uw werkelijke situatie;
- u verwacht een volledige AOW te hebben, maar het bruto bedrag ligt duidelijk onder het officiële maximumbedrag;
- de loonheffingskorting anders is toegepast dan u had aangevraagd;
- de juli-specificatie nog het oude bruto bedrag toont;
- uw betaling structureel afwijkt van de specificatie.
De SVB adviseert om voor uw eigen bedragen in Mijn SVB bij ‘Betalingen’ te kijken. Daar kunt u het betalingsoverzicht ook opslaan of afdrukken.
En als uw totale inkomen te laag blijft?
Een hogere AOW betekent niet automatisch dat iedere AOW-gerechtigde boven het sociaal minimum uitkomt. Mensen met weinig of geen andere inkomsten kunnen onder voorwaarden recht hebben op een AIO-aanvulling.
Vanaf 1 juli 2026 noemt de SVB voor een alleenstaande een maximaal AIO-niveau van € 1.507,97 netto per maand plus € 79,37 vakantiegeld. Voor partners samen is dat maximaal € 2.067,29 netto plus € 108,81 vakantiegeld. Dit zijn geen extra vaste bedragen bovenop de AOW: de AIO vult het inkomen aan tot het toepasselijke niveau en hangt af van inkomen en woonsituatie.
Zie daarvoor de officiële pagina AIO-bedragen van de SVB.
Samengevat: wat krijgt u na de verhoging?
Vanaf 1 juli 2026 ontvangt een alleenstaande met volledige AOW in Nederland € 1.662,16 bruto per maand. Met loonheffingskorting is dat € 1.581,55 netto. Voor iemand die getrouwd is of samenwoont is het volledige bedrag € 1.139,39 bruto per persoon en € 1.084,13 netto met loonheffingskorting.
Gebruik deze bedragen als controlepunt, niet als garantie voor uw persoonlijke bankbijschrijving. Uw eigen uitkomst is goed te beoordelen als leefsituatie, AOW-opbouw, loonheffingskorting en betalingsspecificatie met elkaar kloppen. Als een verschil daarmee niet te verklaren is, is dat het moment om uw gegevens in Mijn SVB te controleren of contact op te nemen met de SVB.