Home
» Ontdekken
»
Kinderopvangtoeslag 2026: hoeveel wordt vergoed en wat betaal je zelf?
Kinderopvangtoeslag 2026: hoeveel wordt vergoed en wat betaal je zelf?
De kinderopvangtoeslag is in 2026 voor veel werkende ouders gunstiger geworden. De belangrijkste verandering is dat een groter deel van de opvangkosten wordt vergoed. Voor een gezamenlijk toetsingsinkomen tot en met € 56.412 geldt volgens de officiële toeslagtabel een vergoedingspercentage van 96% voor zowel het eerste als volgende kind. Wie meer verdient, krijgt nog steeds toeslag, maar het percentage daalt stapsgewijs met het inkomen.
Een ouder vergelijkt opvangkosten, uren en gezinsadministratie; precies de gegevens die nodig zijn om de kinderopvangtoeslag voor 2026 te controleren.
Kerncijfers kinderopvangtoeslag 2026
De vergoeding wordt niet simpelweg berekend als een vast percentage van de volledige factuur. Dienst Toeslagen kijkt naar het toetsingsinkomen, het aantal kinderen, het soort opvang, het aantal betaalde opvanguren en de uurprijs. Daarbij geldt een maximale uurprijs waarover toeslag wordt berekend.
Het antwoord hangt af van drie bedragen: je werkelijke uurprijs, de maximale uurprijs en het vergoedingspercentage dat bij je toetsingsinkomen hoort. Het toetsingsinkomen is het inkomen dat Dienst Toeslagen gebruikt voor de berekening van toeslagen. Heb je een toeslagpartner, dan telt in de regel het gezamenlijke toetsingsinkomen mee.
Stap 1: bepaal de subsidiabele uurprijs
Betaal je minder dan de maximale uurprijs, dan wordt gerekend met de prijs die je werkelijk betaalt. Betaal je meer, dan wordt alleen tot de maximale uurprijs toeslag berekend. Het deel boven de grens betaal je dus volledig zelf.
Voorbeeld: een kinderdagverblijf rekent € 12,50 per uur. In 2026 is de maximale uurprijs voor dagopvang € 11,23. Voor de toeslag telt daarom € 11,23 mee. Het verschil van € 1,27 per uur valt buiten de toeslagberekening.
Stap 2: zoek je vergoedingspercentage op
Bij een gezamenlijk toetsingsinkomen tot en met € 56.412 is het percentage in de officiële 2026-tabel 96% voor het eerste én volgende kind. Daarna daalt het percentage geleidelijk. Enkele praktische voorbeelden uit de officiële tabel:
Gezamenlijk toetsingsinkomen
Eerste kind
Volgend kind
€ 54.642 – € 56.412
96,0%
96,0%
€ 56.413 – € 58.184
95,5%
95,6%
€ 69.493 – € 73.292
90,5%
94,6%
€ 77.095 – € 80.891
85,9%
93,9%
€ 99.890 – € 103.694
72,1%
90,5%
€ 235.698 en hoger
36,5%
68,2%
Let op: het “eerste kind” is voor deze berekening niet automatisch het oudste kind. Volgens het Besluit kinderopvangtoeslag is in beginsel het kind met het hoogste aantal opvanguren het eerste kind. Zijn de uren gelijk, dan kijkt Dienst Toeslagen naar de hoogste opvangkosten.
Rekenvoorbeelden: wat betekent dit in euro’s?
Voorbeeld 1: uurprijs onder het maximum
Een gezin met een toetsingsinkomen van € 50.000 gebruikt 100 uur dagopvang per maand en betaalt € 11,00 per uur. Omdat € 11,00 onder de maximale uurprijs van € 11,23 ligt, wordt gerekend met € 11,00.
Opvangkosten: 100 × € 11,00 = € 1.100
Vergoedingspercentage: 96%
Geschatte toeslag: € 1.056
Eigen aandeel: € 44 per maand
Dit is een vereenvoudigd rekenvoorbeeld. De definitieve berekening gebeurt door Dienst Toeslagen op basis van de daadwerkelijk geregistreerde gegevens.
Voorbeeld 2: uurprijs boven het maximum
Hetzelfde gezin gebruikt 100 uur dagopvang, maar de opvang rekent € 12,50 per uur. De factuur is dan € 1.250. Voor de toeslag telt maximaal 100 × € 11,23 = € 1.123 mee.
Subsidiabele kosten: € 1.123
96% van € 1.123: € 1.078,08
Totale factuur: € 1.250
Geschat eigen aandeel: € 171,92
De hogere eigen bijdrage komt vooral doordat het bedrag boven € 11,23 per uur volledig voor eigen rekening blijft.
Voorbeeld 3: hoger inkomen en twee kinderen
Bij een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 80.000 valt het gezin in de band € 77.095 tot en met € 80.891. Het percentage is dan 85,9% voor het eerste kind en 93,9% voor een volgend kind. Daardoor kan dezelfde opvanguurprijs voor twee kinderen toch tot een verschillend toeslagbedrag leiden.
Wat is er veranderd ten opzichte van 2025?
Voor 2026 zijn zowel de maximale uurprijzen als de vergoedingspercentages aangepast. De maximale uurprijs voor dagopvang steeg van € 10,71 in 2025 naar € 11,23 in 2026. Voor bso steeg deze van € 9,52 naar € 9,98 en voor gastouderopvang van € 8,10 naar € 8,49.
Daarnaast ontvangen veel huishoudens in 2026 een hoger percentage. Rijksoverheid meldt dat hiervoor € 199 miljoen extra is ingezet. De groep met een gezamenlijk inkomen tot ongeveer € 56.000 komt daardoor uit op het maximale percentage van 96%. Dienst Toeslagen vat de wijzigingen samen op de officiële pagina Wat verandert er in 2026 voor uw toeslagen?.
Voor hoeveel opvanguren krijg je toeslag?
In 2026 geldt maximaal 230 uur kinderopvangtoeslag per kind per maand. Dat is maximaal 2.760 uur per kind als er gedurende alle twaalf maanden recht bestaat. Je krijgt echter alleen toeslag voor uren die binnen de geldende voorwaarden vallen en waarvoor opvangkosten worden betaald.
Bij werkende ouders speelt ook het aantal maanden waarin recht bestaat een rol. Rijksoverheid vermeldt dat wordt gekeken naar het aantal gewerkte maanden van de minst werkende ouder of partner. Bij veranderingen in werk, studie of een traject naar werk kunnen aanvullende regels gelden.
Wanneer heb je recht op kinderopvangtoeslag?
De hoogte van de vergoeding is pas relevant als aan de basisvoorwaarden wordt voldaan. De opvang moet bijvoorbeeld geregistreerd zijn in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK), er moet een schriftelijke overeenkomst zijn en je moet zelf een deel van de opvangkosten betalen. Jij en een eventuele toeslagpartner moeten doorgaans werken, studeren, een traject naar werk volgen of onder een andere toegestane situatie vallen.
Vanaf 1 januari 2026 kan iemand die zelf gastouder is ook kinderopvangtoeslag krijgen als het eigen kind naar een kindercentrum of naar een andere gastouder gaat, mits aan de overige voorwaarden wordt voldaan. Voor 2026 gold voor opvang door een andere gastouder in deze situatie een beperking.
Praktische checklist voordat je het bedrag controleert
Controleer het verwachte gezamenlijke toetsingsinkomen voor heel 2026.
Noteer per kind het type opvang: dagopvang, bso of gastouderopvang.
Controleer het aantal betaalde opvanguren per maand.
Vergelijk de contractuele uurprijs met de maximale uurprijs van 2026.
Controleer of de opvang in het LRK staat geregistreerd.
Kijk welk kind voor de toeslagberekening als eerste kind geldt.
Pas wijzigingen in inkomen, uren, opvangsoort of gezinssituatie tijdig aan.
Maak voor een persoonlijke schatting een officiële proefberekening via Dienst Toeslagen.
Veelgemaakte fouten bij de berekening
De hele factuur met 96% vermenigvuldigen
Dat klopt alleen wanneer je daadwerkelijk in de 96%-inkomensgroep valt én de betaalde uurprijs niet boven de maximale uurprijs ligt. Bij een hoger tarief blijft het deel boven het maximum volledig voor eigen rekening.
Denken dat 96% voor ieder inkomen geldt
96% is het maximale percentage. Vanaf een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 56.413 daalt het percentage in de officiële tabel. Bij hogere inkomens blijft er wel kinderopvangtoeslag bestaan, maar het vergoedingspercentage kan aanzienlijk lager zijn.
Het oudste kind automatisch als eerste kind rekenen
Voor de kinderopvangtoeslag gaat het om de berekeningsregels voor opvanguren en kosten, niet simpelweg om leeftijd. Dit kan verschil maken wanneer meerdere kinderen opvang gebruiken.
Een inkomenswijziging niet doorgeven
Kinderopvangtoeslag wordt gedurende het jaar als voorschot betaald. Als het uiteindelijke inkomen afwijkt van de schatting, kan de definitieve toeslag hoger of lager uitvallen. Rijksoverheid adviseert wijzigingen in inkomen, opvangsoort, opvanguren of aantal kinderen binnen vier weken door te geven.
Te laat aanvragen
Dienst Toeslagen waarschuwt dat kinderopvangtoeslag zo snel mogelijk moet worden aangevraagd. Als je al recht hebt, moet de aanvraag in beginsel binnen drie maanden worden gedaan om geen maanden toeslag mis te lopen. De officiële aanvraaginformatie staat op Hoe moet ik kinderopvangtoeslag aanvragen?.
Zo controleer je snel of jouw voorschot logisch is
Neem eerst het aantal opvanguren dat je werkelijk betaalt en vermenigvuldig dat met de laagste van deze twee bedragen: je eigen uurprijs of de maximale uurprijs voor jouw opvangsoort. Vermenigvuldig de uitkomst vervolgens met het percentage dat hoort bij je gezamenlijke toetsingsinkomen en bij het eerste of volgende kind.
Gebruik deze handmatige berekening alleen als controle. Voor je daadwerkelijke voorschot zijn persoonlijke omstandigheden en administratieve gegevens bepalend. Maak daarom een proefberekening via de officiële omgeving van Dienst Toeslagen en controleer na wijzigingen opnieuw.
Samengevat
In 2026 wordt kinderopvang voor veel ouders ruimer vergoed. De maximale uurprijzen zijn € 11,23 voor dagopvang, € 9,98 voor bso en € 8,49 voor gastouderopvang. Tot en met € 56.412 gezamenlijk toetsingsinkomen geldt in de officiële tabel 96% vergoeding over de kosten die voor toeslag meetellen. Boven die inkomensgrens neemt het percentage stapsgewijs af. De belangrijkste praktische valkuil is dat de toeslag nooit wordt berekend over een uurprijs boven het wettelijke maximum. Controleer daarom altijd inkomen, opvanguren, opvangsoort en werkelijk tarief samen.
Bronnen gecontroleerd op 17 september 2026: Dienst Toeslagen, Rijksoverheid en het geldende Besluit kinderopvangtoeslag. Voor persoonlijke bedragen blijft de officiële proefberekening van Dienst Toeslagen leidend.